Groen
“Gebruik jij anno 2008 nog Chinees hardsteen?” De vrouw kijkt me met priemende ogen aan. We zitten in een geanimeerd gesprek. Op tafel ligt het tuinontwerp dat ik voor deze mensen heb gemaakt. In de kofferbak van mijn auto liggen monsters van stenen. Hardsteen gezoet, gefrijnd, met facet en getrommeld.“Gebruik jij anno 2008 nog Chinees
hardsteen?” De vrouw kijkt me met priemende ogen aan. We zitten in een
geanimeerd gesprek. Op tafel ligt het tuinontwerp dat ik voor deze mensen heb
gemaakt. In de kofferbak van mijn auto liggen monsters van stenen. Hardsteen
gezoet, gefrijnd, met facet en getrommeld.
“Ja, hardsteen is een materiaal dat ik
veel toepas in mijn werk. Het is mooi, betaalbaar en
functioneel.”
“Je bedoelt, het helpt hele landschappen om zeep, het
wordt door kinderen bewerkt en het kost ontzettend veel energie om het van China
naar mijn tuin te brengen”, is haar droge antwoord.
Hier heb ik
niet van terug. Ik geef aan dat er voldoende alternatieven zijn in gebakken
materiaal en beton. We praten erover heen en aan het einde van het gesprek
vraagt ze me het plan definitief te maken. “Zonder hardsteen!” Ja, zonder
hardsteen.
Maar het zet me wel aan het denken. Mijn groene imago
heeft een deuk opgelopen en daar baal ik van. Kan het anders? Wil ik het anders?
Moet het anders?
Ja, met een beetje creativiteit kan het anders. Er
zijn genoeg alternatieven die én mooi, betaalbaar en functioneel zijn, én
duurzaam geproduceerd worden. Maar wíllen we dat? Verandering is altijd
vervelend. Het ging net zo lekker. Het roer omgooien maakt mensen onzeker. Er
worden lastige vragen gesteld. Waarom doen we het niet gewoon zoals we het
altijd deden?
Nu hebben we het over iets simpels als een tegel,
maar geldt de hardsteenproblematiek niet voor veel andere terreinen waar we mee
bezig zijn? Zijn wij hoveniers wel zo ‘groen’? Zijn alle materialen wel
‘eerlijke materialen’? Zijn wij hoveniers niet net zo afhankelijk van chemische
industrieën als iedere andere bedrijfstak? Met wolmanzouten, glyfosaten en
PVC’s.
Roomser dan de paus? Ach, het is maar hoe je het bekijkt.
De tuin is hot. Het is de laatste plek in huis waar je nog écht jezelf kunt
zijn, waar je nog kunt genieten en tot rust kunt komen. En waar nog een gevoel
van ‘natuurbeleving’ is. Bloemen, vlinders, koolmeesjes. Dauw, natte tegels,
luchtspiegelingen…
Het klinkt misschien gek, maar ik ben ervan
overtuigd dat deze geneugten de grootste meerwaarden vormen voor ons vak. Elke
inbreuk daarop zaagt aan de poten van ons imago. 2008 kan mij niet groen genoeg
zijn.
| Reageer |
